Goudvink

Pyrrhula pyrrhula

Orde:Zangvogels (Passeriformes)
Familie:Vinken (Fringillidae)
Lengte:14 tot 17 cm
Geluid:
  © ETI BioInformatics, SoortenBank.nl
Biotoop:
Agrarisch gebied
Struiken
Loofbossen
Toelichting
Periode:
Het gehele jaar
Toelichting
Aantal broedparen:Minder dan 10.000
Toename of afname:Lichte toename

Kenmerken

Het verenkleed van het mannetje is oranje-roze
Het mannetje heeft een zwarte kap
De rug van het mannetje is blauw-grijs
Het vrouwtje is minder duidelijk gekleurd
Beide geslachten hebben zwarte vleugels met een witte streep
De stuit is wit
De staart is zwart

Omschrijving

Door de heldere kleuren is het mannetje met geen enkele vogel te verwarren, vooral de oranje-rode buik is onmiskenbaar. Het vrouwtje is veel minder helder gekleurd, maar is net als het mannetje te herkennen aan de witte stuit, de zwarte staart en de zwarte kruin. Vooral in de vlucht vallen de witte vleugelstrepen en de witte stuit op, die beiden afsteken tegen de verder zwarte vleugels en staart.

Het nest wordt gebouwd in een naaldboom of in dicht struikgewas, waarbij de goudvink eerst een onderlaag van gras en takjes maakt, voordat daarop het echte nest gebouwd wordt. Goudvinken verblijven het hele jaar in Nederland, maar in sommige winters komen vogels uit Scandinavië in vrij grote getallen overwinteren in de Nederlandse duingebieden. Hoewel de goudvink in het broedseizoen in paartjes leeft, vormen de vogels 's winters vaak kleine groepen.

Zie ook: Vink, Groenling, Kneu, Putter en Appelvink