Grote kruisbek

Loxia pytyopsittacus

Orde:Zangvogels (Passeriformes)
Familie:Vinken (Fringillidae)
Lengte:16 tot 18 cm
Geluid:
  © ETI BioInformatics, SoortenBank.nl
Aantal broedparen:Minder dan 10

Kenmerken

Het verenkleed van het mannetje is steenrood van kleur
Het vrouwtje is groenachtig met een gele stuit
Bij beide geslachten zijn de vleugels donkerder
De snavel is zeer dik met kruisende uiteinden

Omschrijving

Hoewel de grote kruisbek wat groter is dan de gewone kruisbek, is de grote kruisbek het makkelijkst te onderscheiden aan de zwaardere snavel en de in verhouding grotere kop die bovendien meer grijs bevat. De uiteinden van de snavel zijn stomper en slechts weinig gekruist; de punt van de ondersnavel steekt nooit boven de punt van de bovensnavel uit. De ondersnavel is bovendien gehoekt, terwijl deze bij de gewone kruisbek geleidelijk afbuigt. Het voorhoofd en de kruin zijn vlakker, terwijl de veren in de achternek enigszins uitsteken. Net als bij de gewone kruisbek is het vrouwtje olijfgroen met een gele stuit en donkere vleugels. Het verenkleed van juveniele vogels is grijsbruin en getekend met donkere strepen.

De roep van de grote kruisbek is variabel, maar lager, luider en minder metalig dan de roep van verwante soorten.

Het voornaamste broedgebied van de grote kruisbek strekt zich uit van Scandinavië tot Noord-Rusland, waar de vogel broedt in dunne naaldbossen. De vogel is doorgaans een zeldzame gast in Nederland, maar is in sommige jaren algemener.

Zie ook: Kruisbek, Vink, Groenling, Kneu en Putter