Jan-van-gent

Morus bassanus

Orde:Pelikaanachtigen (Pelecaniformes)
Familie:Jan-van-genten (Sulidae)
Lengte:85 tot 97 cm
Geluid:
  © ETI BioInformatics, SoortenBank.nl
Biotoop:
Zee en kust
Rotsachtige kusten en eilanden
Toelichting
Periode:
Doortrekker
Toelichting
Aantal broedparen:Geen

Kenmerken

Het verenkleed is vrijwel geheel wit
De punten van de vleugels zijn zwart van kleur
De snavel is stevig en scherp
Het achterhoofd en de hals zijn geelachtig van kleur
Het gebied rond het oog is onbeveerd en daardoor zwart van kleur

Omschrijving

Jan-van-genten zijn zeer grote zeevogels met lange vleugels en een gestroomlijnd lichaam. Vooral dankzij de kop met het gele achterhoofd, de grote snavel en de zwarte, onbevederde delen is de jan-van-gent een onmiskenbare vogel. Jonge vogels zijn nog bruin en krijgen geleidelijk steeds meer wit in het verenkleed, tot de vogel na vier tot zes jaar uiteindelijk geheel wit is.

Jan-van-genten zijn het gehele jaar door te zien langs de Nederlandse kust, maar zijn het meest talrijk in het najaar. De vogels eten alleen vis en hebben een opvallende manier van jagen. De jan-van-gent stort van grote hoogte vrijwel loodrecht naar beneden en jaagt de prooi ook onder water na. Onder de huid bevinden zich luchtkussen die de klap van de vogel op het water opvangen.

De vogels broeden in kolonies op steile kusten langs het noordelijke deel van de Atlantische Oceaan. De broedparen blijven hun hele leven bij elkaar en leggen slechts één ei per broedsel.