Slobeend

Anas clypeata

Orde:Eendvogels (Anseriformes)
Familie:Eenden (Anatidae)
Lengte:44 tot 52 cm
Geluid:
  © ETI BioInformatics, SoortenBank.nl
Spanwijdte:73 tot 82 cm
Biotoop:
Moeras
Zee en kust
Meren
Toelichting
Periode:
Het gehele jaar
Wintergast
Doortrekker
Toelichting
Aantal broedparen:Minder dan 8.000
Toename of afname:Lichte afname
Bijzonderheden:De slobeend staat op de rode lijst.

Kenmerken

De kop van het mannetje is glanzend groen van kleur, de borst is wit
De flank en de buik van het mannetje zijn roodbruin gekleurd
De voorzijde van de bovenvleugel is bij het mannetje lichtblauw of blauwgrijs
Het verenkleed van het vrouwtje is bruin met donkere vlekken en strepen
De snavel is zeer breed

Omschrijving

Zoals bij veel eenden is ook bij de slobeend het mannetje veel opvallender gekleurd dan het vrouwtje. De kop van het mannetje is glanzend groen en de flanken en de buik zijn kastanjebruin. Het vrouwtje daarentegen is onopvallend bruin gekleurd. Achter in de zomer verliest het mannetje gedurende een korte periode het prachtkleed en lijkt dan sterk op het vrouwtje.

Het meest opvallende kenmerk van de slobeend is de zeer brede snavel, waarmee de vogel zaden en kleine insecten uit het water filtert. De slobeend gorgelt weinig, maar verdwijnt wel geregeld met de kop onder water.

Slobeenden bouwen het nest tussen de dichte begroeiing op de oevers, vaak op een eilandje. In de winter trekt een gedeelte van de Nederlandse populatie naar het zuiden.

Zie ook: Wilde eend, Wintertaling, Zomertaling, Pijlstaart en Grauwe gans