Snor

Locustella luscinioides

Orde:Zangvogels (Passeriformes)
Familie:Zangers (Sylviidae)
Lengte:13 tot 15 cm
Geluid:
  © ETI BioInformatics, SoortenBank.nl
Biotoop:
Moeras
Toelichting
Periode:
Zomergast
Toelichting
Aantal broedparen:Ruim 2.000
Toename of afname:Lichte toename
Bijzonderheden:De snor staat op de rode lijst.

Kenmerken

De bovenzijde is donkerbruin van kleur
De onderzijde is vaalwit
Er is een lichte, nauwelijks zichtbare wenkbrauwstreep aanwezig
De staart is getrapt en afgerond
De onderstaartdekveren zijn roodbruin van kleur

Omschrijving

De snor is net zoals veel verwante soorten een onopvallende vogel die voornamelijk in het riet leeft. De snor is van soorten zoals de kleine karekiet en de sprinkhaanzanger te onderscheiden door de roodbruine onderstaartdekveren en een gedrongen bouw. Het beste kenmerk is echter de zang, die begint met enkele korte klikjes en wordt gevolgd door een lange triller.

De snor broedt in rietvelden in moerasgebieden en bouwt vlak boven het water een groot nest. Vooral door de kunstmatige regeling van de grondwaterstand zijn veel geschikte broedgebieden verloren gegaan. De vogel overwintert ten zuiden van de Sahara, maar doordat het gebied dat de vogel hierbij moet passeren steeds verder verdroogt wordt de overtocht voor de vogel steeds zwaarder.

Zie ook: Sprinkhaanzanger, Kleine karekiet, Tjiftjaf, Fitis en Zwartkop