Zwartkopmeeuw

Larus melanocephalus

Orde:Pleviervogels (Charadriiformes)
Familie:Meeuwen (Laridae)
Lengte:37 tot 40 cm
Geluid:
  © ETI BioInformatics, SoortenBank.nl
Biotoop:
Zee en kust
Toelichting
Periode:
Het gehele jaar
Toelichting
Aantal broedparen:Ruim 2.000
Toename of afname:Sterke toename

Kenmerken

Het verenkleed is wit met een grijze rug
De kop is in het zomerkleed zwart van kleur
In de winter bevindt zich een donkere vlek om en achter het oog
Er bevindt zich geen zwart in de vleugels
De snavel en de poten zijn rood van kleur

Omschrijving

Net als de kokmeeuw heeft ook de zwartkopmeeuw in de zomer een donkere kop. Het zwarte gedeelte loopt bij de zwartkopmeeuw echter verder door in de nek. In de winter is bij beide vogels de kop niet langer zwart, de zwartkopmeeuw heeft dan een donkere vlek om het oog, terwijl de kokmeeuw alleen een zwarte vlek achter het oog heeft. In de vlucht is de volwassen zwartkopmeeuw te herkennen aan het ontbreken van zwarte vleugelpunten.

De belangrijkste broedkolonies van de zwartkopmeeuw liggen verspreid in heel Europa, zowel langs de kust als in het binnenland. Overwinteren doet de vogel vooral langs de kust en dan met name in het Middellandse-Zeegebied. Oorspronkelijk komt de vogel uit het Zwarte-Zeegebied, maar de zwartkopmeeuw breidt zich snel uit en tegenwoordig broeden ook in Nederland jaarlijks enkele honderden zwartkopmeeuwen.

Zie ook: Kokmeeuw, Kleine mantelmeeuw, Zilvermeeuw, Stormmeeuw en Grote mantelmeeuw